Vogelpraat

Tijdens mijn buiten-ontbijt was er een vogel keihard aan het zingen/schreeuwen. Ik heb heel lang moeten zoeken wat voor soort het was en nog ben ik niet helemaal zeker. Luister je mee?

Mijn eerste idee was een roodborsttapuit. Volgens mijn boekje is die gemakkelijk te zien en dus te identificeren omdat hij zichtbaar boven in een boom zit te fluiten. Ik heb een uur besteed om te zoeken met een verrekijker, maar niks hoor. Hij zat wel hoog in de boom, dat wel. Het kan dus ook een tapuit zijn. Of zelfs iets heel anders.

Ik kan mijn lol wel op met de vogels hier. Onlangs vloog het nestje koolmezen uit. De kast hangt juist voor het keukenraam van de annex en ik kon het hele proces goed volgen. Maar het is toch moeilijk te tellen hoeveel er uitvlogen. Ik zag er twee die buiten gevoerd werden voordat ik doorhad dat het uitvliegen was begonnen. Toen zag ik er vijf uitvliegen. De hele familie vertrok, maar er zaten nog mezen in de kast. Eentje zat er zelfs steeds in het vlieggat, ik was erg bezorgd. Uren later kwam de hele mezenfamilie terug en nam de laatste 1, 2 of 3 mezen mee. De familie is gemakkelijk te spotten, ze piepten al twee weken IN de kast en nu piepen ze in een boom bij de beek.
Veel eenvoudiger is het als je een camera in in de kast hebt. Ik doe nog steeds het dagboek van de koolmees van Beleef de Lente, kijk maar op Koolmees junior. De live koolmees zit op camera 2 en 3.

Nu de koolmezen hier weg zijn, is hun piepkoor overgenomen door het kastje met pimpelmezen in de grote boom achter het huis. Er is maar één ouder die daar voert. Deze ouder heeft een efficiënt voergedrag. Hij/zij vliegt van de boom naar de bosjes aan de zijkant, waar de lege bosuilkast hangt, en komt vrijwel meteen terug met voer. Een rondje voeren kost ongeveer een minuut. Ik kan het elke morgen checken als ik mijn tanden poets voor het badkamerraam van de annex (elektrische tandenborstel die om de 30 seconden een seintje geeft). Ik hoop dat ze snel uitvliegen, want de ouder moet bekaf zijn (BEKaf is dat voor vogels bedacht?).

We hebben ook de vaste zwarte roodstaart, die is aan het voeren. Maar het kastje zit aan het slaapkamerraam bij de oprit en is dus niet zo goed in beeld.

Annex, keukenraam, oprit ......... Je ziet dus dat je toch echt een keertje moet langskomen om mijn blogs te kunnen volgen.

Van ons!


Van ons: het terreintje waar 's zomers het zwembad staat en waar ik in de winter heerlijk in de zon kan zitten


Van ons: de groentetuin waarin we allebei met zoveel plezier werken en die ons het hele jaar door lekkere verse groenten en fruit geeft.


Van ons: de vijver die het hele jaar goed is om te sproeien, en waar je zo lekker bij kunt zitten.


Van ons: het schattige pomphuisje dat Roelof deze week gemaakt heeft.



Van ons: het geluid van de beek, die altijd maar doorkabbelt, hier tussen de koolzaad.

Van ons: het boske waarin ik zoveel bloemenzaad heb gestrooid, maar die eigenwijs zijn eigen bloemen voorrang geeft.

Van ons: de boomgaard waar nu de appelbomen bloeien.


Van ons: dit hele terrein waar de nachtegaal probeert boven het geluid van de wind uit te komen.


Eindelijk echt van ons.





Het terrein van Yves


Op 19 april 2010 hebben we Taule gekocht. Afspraak was dat we het terrein achter de tuin, ongeveer 3000 m2 wildernis, ook zouden kopen. We hadden een overeenkomst met de eigenaar Yves. We betaalden op die dag alles ineens, Taule en het terrein. De aankoop van het terrein zou 'later' plaatsvinden.
Daarna hebben we jarenlang gebeld, gesmeekt, gedreigd en een advocaat in de arm genomen. Niets hielp. Eerst bleek dat het land precies in kaart gebracht moest worden. Dat hebben we geregeld en betaald. Een géomètre kwam en plaatste oranje paaltjes. Daarna bleek dat de Safer, een boerenorganisatie die streeft naar het behoud van landbouwgrond, er iets over mocht zeggen. Dat werd geregeld, de Safer gaf toestemming. Uiteindelijk bleek dat er teveel hypotheek op de grond van Yves ligt, waardoor hij niets kon verkopen. Iedereen wist dat Yves compleet failliet was, de notaris, de klerk van de notaris, de hele buurt inclusief Regis en heel Courrensan, maar wij wisten het pas in 2013.

Het zwarte blokje is ons huis, geel gemarkeerd is het terrein:

In 2014 hebben we het terrein in gebruik genomen. De enorme braamstruiken werden geveld en Roelof begon het terrein te maaien. In 2015 hebben we de vijver, de boomgaard. de groentetuin en het boske aangelegd.

In maart 2016 belde Yves op een zaterdagavond dat de koop van het terrein nu kon doorgaan. Ik dacht dat hij dronken was, maar het bleek te kloppen. En dus kwamen we weer bij de notaris terecht, dezelfde notaris die we honderden keren gebeld hebben. Ik hoop haar hierna nooit meer te zien.
Het was Roelofs verjaardag. Hij kreeg een cadeautje van in totaal ongeveer 7000 euro. Omdat het al betaald was, leek het echt wel een cadeau.


Het ging allemaal heel vriendschappelijk. Tot onze verbazing schijnt Yves ineens alle hypotheken afgelost te hebben. We denken dat hij de bankrekening van een oude tante (die niet toevallig enkele dagen eerder overleed) heeft geplunderd. Of dat hij de tirelire heeft gewonnen. Of dat de bruidsschat voor zijn Kameroense vrouw betaald is. Of dat hij zijn gehele bezit aan de Chinezen verkocht heeft.

De verkoop werd geregeld door een enorme stapel papier die we niet van tevoren hadden kunnen lezen. Een groot deel betrof de mededelingen dat de hypotheken waren opgeheven. We hebben een vaag idee wat we getekend hebben.



Vervolgens kregen  we een 'attestation' van anderhalve pagina, dat de verkoop vast legt. Met daarin de zin dat wij vanaf deze dag het terrein bezitten, dat we het echt als enige vrij van huur kunnen gaan gebruiken. Wat we dus al jaren deden.

Het venijn zit altijd in de staart. De inschrijving van deze akte in alle Franse registers gaat ongeveer anderhalf jaar duren. Waarbij Roelof meteen verzuchtte: dan hebben er dus in totaal acht jaar over gedaan.

Maar het was toch wel een leuke verjaardag.

Koolzaad van veraf en van dichtbij

Het koolzaad bloeit. Van dichtbij is het niet zo'n geweldige plant die ook nog eens erg stinkt naar kool. Maar van veraf, tussen de heuvels, is het spectaculair. Mooier dan zonnebloemvelden. Ik probeer dat in foto's te vangen.

Koolzaad met de besneeuwde Pyreneeën op de achtergrond (klik op de foto voor een vergroting, net boven het koolzaadveld zie je de hoogste berg, de Pic du Midi):


Koolzaad met Taulet linksboven (iets links daaronder wonen wij, er is een klein stukje huis en een stukje schuur zichtbaar):


Koolzaad met de watertoren van Lagraulet op de achtergrond:


Koolzaad bij onze vijver. Gewoon 'onkruid':


Van het zaad wordt olie geperst. Een hectare levert ongeveer 1500 liter olie op. Tenminste als ik  buurman Regis goed citeer. 

Het verhaal van het poezenalfabet

Dit verhaal heb ik al vaak verteld, maar nu is het echt af. Dus kan ik het wel op de blog zetten.

Lang, heel lang geleden, borduurde ik een poezenalfabet. Toen het doek af was, heb ik het ingelijst, het was dus een soort schilderij. Ik houd van borduren, maar niet zo erg van de resultaten, dus ik gaf het aan Roelof. Die heeft het uiteindelijk opgehangen in de gang van ons huis in Oudenbosch. Naast de voordeur.

Toen we het huis wilden verkopen, was er een Open Dag. Ik speelde zelf voor makelaar. Op zo'n dag belde er, ver voor de officiële aanvangstijd, een man aan de deur. Ik zag hem en schatte in dat hij de weg kwam vragen. Hij zag er bepaaald niet uit als iemand die een huis van zeseneenhalve ton ging kopen.

Maar ik vergiste me, hij kwam echt voor het huis. Hij heette Arjan en had zijn zus meegeneomen. Eenmaal binnen zei zij meteen dat ze het poezenschilderij prachtig vond. Ik zei dat ze dan maar eens het hele huis moesten bekijken, want ik had nog veel meer geborduurde schilderijen.

Ze bekeken het huis, maar ze kwamen eigenlijk voor de tuin. Daar brachten ze uren in door, terwijl ik andere, naar mijn gevoel serieuzere kandidaten het huis liet zien. Die vonden allemaal de tuin te groot. Teveel werk.

Arjan en zijn zus kwamen nog even binnen koffie drinken, het werd heel gezellig. Toen ze eindelijk weggingen, door de voordeur, vertelde de zus nog eens dat ze het poezenalfabet zo mooi vond. In een opwelling zei ik: "Als jij zorgt dat je broer dit huis koopt, dan krijg jij van mij dit schilderij." Dat vond ze heel leuk, ze zou het doen.

Arjan bleek miljonair. Hij kocht uiteindelijk het huis, niet voor de vraagprijs maar wel bijna. Ik weet niet hoeveel aandeel de zus in de aankoop had, maar ik vond dat ik mijn belofte in stand moest houden.

Daar was Roelof een beetje boos over. Het was toch zijn schilderij! En dat kon ik toch niet zomaar weggeven? Dus beloofde ik Roelof dat ik hetzelfde schilderij nog eens zou maken.

Ik fotografeerde elke 'letter', maar ik vergat het totaal te fotograferen. Maar misschien krijg je zo een indruk:


Ik had het patroon nog, met het overgebleven garen. Van de erven van een tante van Roelof had ik veel borduurlinnen gekregen. Er zat een blauwe lap tussen die ik kon gebruiken. Ik hoefde alleen maar enkele soorten draden bij te kopen. Het kostte dus vrijwel niets, alleen maar drie jaar borduren.

Nu is hij af, en hij hangt weer in de gang, bij de voordeur. Voorlopig verkopen we Taule niet, maar voor alle zekerheid heb ik er een foto van genomen.








Kerstsfeer in Eauze

Een kerstmarkt en een IJSBAAN! Dat moest ik zien! Dus fietsten Roelof en ik gisteren in een heerlijk zonnetje naar Eauze. De kerstmarkt viel natuurlijk verschrikkelijk tegen. Het was een slap aftreksel van de toeristenmarkten die ze hier zo veel hebben: standjes met Floc, Armagnac, Foie gras en met allerlei huisgemaakte rotzooi. Toch kon ik nog iets kopen: stroopwafels. Van een Nederlandse vrouw, zelfgemaakt (zei ze).

Dan maar naar de ijsbaan. Ik herinnerde me natuurijs in België, daar liep het hele dorp over de ijsbaan, met plassende hondjes en schoenen vol zand. Wij probeerden daar tussendoor te schaatsen en hadden dan veel bekijks. Dus Zuid-Frankrijk en schaatsen, dat moest wel heel bijzonder zijn.

Het was op de Place d'Armagnac, dat is het plein bij de kerk waar al onze gasten graag een drankje of een ijsje consumeren. Het was er lekker druk op de terrassen. De ijsbaan leek in alles op een Nederlandse ijsbaan, een tent waar je schaatsen kunt huren en betalen en dan hup het kleine ijsbaantje op:




Ik zag meteen dat niemand echt schaatste, het was meer lopen op het ijs. Toen we dichterbij kwamen zagen we waarom.

De baan was niet gemaakt van ijs maar van plastic platen!

Pasteques

De groentetuin en de andere productie-eenheden zijn deze zomer een groot succes geweest. Te groot. We komen om in de producten. Gelukkig vinden we af en toe arme slachtoffers die dit geluk niet kennen. Zo zijn er dozen vol mirabellen, tomaten, pepers en kroppen sla uitgedeeld. Maar zojuist is de de laatste slag aan ons toegediend door de pasteques. Even uitleggen.

In het voorjaar kwam Madeleine, een van onze buren, ons een potje pasteque-jam brengen. Ongelooflijk lekkere jam. Geel, fris, smaakvol. De jam wordt gemaakt door het urenlang inkoken van pasteque, met steranijs, kleingesneden citrus en kaneelstokjes, zo vertelde zij. Pasteque kreeg ze niet uitgelegd, dus via google leerden we dat dat watermeloenen zijn. Na al onze loftuitingen bracht ze nog meer potjes jam, zodat wij haar konden verblijden met de overschotten jam van mirabellen, kroosjes (kleine rode pruimpjes) en bramen. En ze bracht het zaad van de pasteque mee. Bordeaux-rode pitjes.

In april werd dat gezaaid in een potje en natuurlijk kwam er teveel op. Vervolgens bracht ze nog twee soorten pastequezaad. Rood en grijs. Die heb ik natuurlijk ook gezaaid en weer kwam er teveel op. De planten kregen een ereplaats in mijn groentetuin en op de helling achter het zwembad.


Peter en Ton kwamen langs en waarschuwden mij. Ik had veel teveel pasteques in mijn deel van de groentetuin gezet, die zouden alles overwoekeren. Toen begon ik me pas te realiseren dat een pasteque meer lijkt op een pompoen dan op een meloen. Ik groef het grootste deel op en plantte die in het bosque, alwaar ze alleen een paar heel kleine pasteqjes opleverden. God zij dank. Ik had allang spijt van de twee planten die ik in mijn groentetuin had laten staan. Zelfs de kiwi, die toch lekker hoog gaat, had er last van. De pepers en paprika's moest ik met geweld vrijhouden.

De kleine pasteqjes heb ik verzameld, die staan mooi in en om de fruitschaal. Ze hebben een prachtige tekening die wel wat aan chinese lantaarns doet denken.


De eivormige zijn van de bordeauxkleurige zaden, de ronde van de grijze zaden. Ik heb een ronde opengesneden, hij smaakt naar zure, harde watermeloen. Alleen is de binnenkant geel.



Deze week was er paniek, nachtvorst. Madeleine had me bezworen de pasteques zo lang mogelijk aan de plant te laten, maar ze mochten niet bevriezen. En wie verwacht er nachtvorst in oktober? In Zuid-Frankrijk? Als je overdag bij 25 graden in je hempje en korte broek in de tuin ligt? Ik was dus een dag te laat, maar de grote pasteques moesten ook naar binnen.


Nu liggen ze gebroederlijk naast de pompoenen in de schuur. Een middelgrote pasteque levert 12 potten jam. Naar schatting ligt hier het equivalent van 250 potten.

De grootste, van het rode zaad, weegt 15 kilo. Denk ik, want ik kan hem niet meer optillen.
Ik heb nu ernstige rugpijn.